Massaal in hogere sferen
In een artikel in de H.P./De Tijd werd geconcludeerd dat Nederland in hogere
sferen verkeerd.
Er is op de Veluwe een festival georganiseerd met zo'n 1000 bezoekers. Er werd
gezongen en gedanst waarbij het publiek zich verloor in ritmische opzwepende
muziek die de dansers tintelend van plezier naar de bron van de stilte voerde!!
Nu is er geen bezwaar als mensen plezier maken maar hier zit toch een bepaalde
drang of behoefte achter. Is dit een bezwaar? Men zoekt het hogere, wat men
hieronder ook mag verstaan.
In de zomer is er in Berlijn ook een festival georganiseerd maar daar komen er
duizend maal zoveel nl.. 1 miljoen, die op razende beats extatische ervaringen
op willen doen. Men noemt dit een "Love Parade", een kruistocht voor liefde en
vrede. De deelnemers willen uit hun dak gaan maar de organisatie spreekt van
mystieke expedities naar de grenzen van het bewustzijn. In dit verband is het
van belang vast te stellen dat het gebruik van geestverruimende middelen enorm
toeneemt. Men schat het aantal gebruikers van XTC op 300.000 en zelfs 675.000
mensen gebruiken cannabis. De socioloog Erik v. Ree geeft als zijn mening dat
tripmiddelen zeer waardevol zijn.
Jong en oud worden gebundeld door de invloed van wierook en marihuana. Maar
ook op Internet surft men naar het hogere.
Volgens een "house" blad is de computer een effectief hulpmiddel om
communiceren met het "onderbewuste". Deze bewustzijnsbeweging is veel groter
dan we wel denken. Er is grote belangstelling voor paranormale beurzen,
reïncarnatie, hypnose, droomuitleg en astrologie.
De vraag is of een "house party" een vorm van escapisme kan zijn. Veel
jongeren in deze groeperingen hebben een eigen levensfilosofie. Met onze
beheerste wereld willen ze niets te maken hebben. Ze creëren een eigen
wereld zoals die volgens hen zou moeten zijn. Moet je dit nu een vorm van
idealisme noemen zoals vroeger de socialisten uitstraalden?
Je bent geneigd om te stellen dat ze met hun benen op de grond moeten blijven
staan en er dan aan meewerken dat onze wereld, de enige die we hebben,
leefbaarder wordt zonder al die poespas die er bij wordt gehaald. Is het dan
zo onmogelijk de dingen nuchter en pragmatisch te benaderen. Of is het zo, als
Paul Hopster in zijn artikel (DVG nr. 275) "mensen willen geloven" dat de mens
een aangeboren behoefte heeft volgens een bepaalde hiërarchie. Maar P.
Hopster voegt aan de lijst van Maslov nog iets toe, nl. de behoefte om te
geloven.
Dat "weten" is volkomen duidelijk, anders had de mens nooit de wetenschap
kunnen ontwikkelen, maar is het ook zo dat "mensen willen geloven". Je kunt
toch ook rationeel en pragmatisch de gang van zaken in de wereld bekijken. Zelf
verbaas ik me er nog steeds over wat een onzin en irrationele zaken worden
geloofd maar of dit dan in je genen zit??? Ik heb eerder de indruk dat de
meeste mensen het stadium van geestelijke volwassenheid nog niet hebben
bereikt.
Zou deze "geloof" behoefte dan ook aange-
boren zijn bij de grote denkers in onze geschiedenis. De mens kan zich toch
bevrijden van deze "aangeboren" behoefte. Dit verklaart mij nog niet de huidige
grote behoefte naar dit mystieke en bovennatuurlijke. Als je nuchter nadenkt
moet je toch inzien dat men probeert ons ontstellend veel wijs te maken, bewust
of onbewust.
En het wordt ook nog op grote schaal geslikt. Is dit angst, die misschien
aangeboren is, voor de harde werkelijkheid of mist men toch de behoefte aan
verdwenen ideologieën? Ook de wetenschap is geïnteresseerd . Dit
betreft dan vooral de sociologie. Na het ontdekken van de aarde en de kosmos is
nu de psyche of de ziel aan de beurt.
De hoogleraar sociologie B. Steenbergen ziet een neo-fundamentalisme ontstaan.
En een opleving van oosterse denkwijzen, een soort "zoek"beweging.
De grote vraag is of dit van voorbijgaande aard is of dat het om een
maatschappelijke behoefte aan zingeving gaat.
Zeker is dat er onder het koren veel kaf zit aan zelfbenoemde goeroes en
charlatans.
Maar wat kan het vrijdenken hieraan toevoegen? Vrijdenkers hebben toch altijd
het zelfstandige denken bepleit? Is dan de behoefte aan dit nuchtere denken
niet aangeboren, dan ziet het er somber uit voor de geestelijke vooruitgang.
Maar ook in de oertijd moest b.v. de Neanderthaler die elke dag bedreigd werd
door wilde dieren, zijn kansen nuchter beoordelen of hij de holenbeer wel aan
kon of de benen nemen.